Diabetische Ketoacidose bij honden

Een levensbedreigende complicatie van diabetes waarbij het bloed gevaarlijk verzuurt door ophoping van ketonen.

Diabetische ketoacidose (DKA) is een ernstige noodsituatie die optreedt wanneer diabetes mellitus onbehandeld blijft of niet goed gereguleerd is, waardoor het lichaam overschakelt op vetverbranding met giftige bijproducten.

Snelle herkenning en onmiddellijke behandeling zijn cruciaal. DKA is een van de meest voorkomende redenen waarom diabeteshonden als spoedgeval worden binnengebracht.

· · ·

Wat is diabetische ketoacidose?

Diabetische ketoacidose (DKA) is een acute, levensbedreigende complicatie van diabetes mellitus. Wanneer het lichaam door een tekort aan insuline geen glucose meer als brandstof kan gebruiken, schakelt het over op de afbraak van lichaamsvet. Bij dit proces komen ketonen vrij: zure stoffen die zich ophopen in het bloed en het lichaam vergiftigen.

De combinatie van hoge bloedsuiker, ketonvorming, uitdroging en bloedverzuring ontregelt vrijwel alle orgaansystemen. De nieren raken overbelast door de uitscheiding van glucose en ketonen, wat leidt tot massaal vochtverlies. De elektrolytenbalans raakt verstoord en de zuurgraad van het bloed daalt tot gevaarlijke niveaus.

DKA kan zich ontwikkelen bij honden met niet-gediagnosticeerde diabetes, maar ook bij honden die al insuline krijgen wanneer de dosering ontoereikend is, de insuline zijn werkzaamheid heeft verloren, of wanneer een bijkomende ziekte de insulinebehoefte plotseling verhoogt.

Symptomen van diabetische ketoacidose

De symptomen van DKA zijn ernstiger dan die van ongecompliceerde diabetes en verslechteren snel. Let op de volgende alarmsignalen:

  • Hevig braken: aanhoudend braken dat niet reageert op thuismaatregelen is een van de eerste alarmsignalen.
  • Weigeren van voedsel: de hond eet niet meer en draait zijn kop weg bij voedsel dat hij normaal graag eet.
  • Extreme lusteloosheid: de hond wil niet meer bewegen, reageert nauwelijks op aanspreken en ligt voornamelijk stil.
  • Snelle, diepe ademhaling: zogeheten Kussmaul-ademhaling, waarbij het lichaam probeert de bloedverzuring te compenseren door kooldioxide uit te ademen.
  • Acetonlucht uit de bek: een zoete, fruitige geur uit de bek die doet denken aan nagellakremover, veroorzaakt door ketonen.
  • Ernstige uitdroging: droge slijmvliezen, ingezakte ogen en een verminderde huidturgor (de huid springt niet meer terug na optillen).
  • Buikpijn: de hond neemt een gespannen houding aan, reageert pijnlijk bij aanraken van de buik of staat in de zogenaamde gebedhouding.
  • Verlaagd bewustzijn: in ernstige gevallen wordt de hond steeds suffer en kan uiteindelijk in coma raken.

Bij elk van deze symptomen bij een (vermoedelijke) diabeteshond moet je onmiddellijk naar de dierenarts of spoedkliniek gaan. Elk uur telt.

Oorzaken en risicofactoren

DKA ontstaat door een absoluut of relatief tekort aan insuline in combinatie met een overmaat aan stresshormonen. De meest voorkomende scenario’s zijn niet-gediagnosticeerde diabetes, onderbreking van de insulinebehandeling en bijkomende ziekten die de insulinebehoefte verhogen. Infecties (vooral urineweginfecties en luchtweginfecties), pancreatitis en de ziekte van Cushing zijn bekende uitlokkende factoren.

Alle rassen die vatbaar zijn voor diabetes mellitus lopen ook verhoogd risico op DKA. Samojeden, Dwergschnauzers, Dwergpoedels en Bichon Frisés worden relatief vaker met DKA gepresenteerd. Ongecastreerde teven die diabetes ontwikkelen tijdens de loopsheid vormen een bijzondere risicogroep, omdat het progesteron de insulinewerking sterk tegenwerkt.

Praktische fouten in de insulinetoediening zijn een onderschatte oorzaak. Insuline die verkeerd is bewaard (te warm, bevroren), een lege of defecte insulinepen, een verkeerde dosering of het vergeten van injecties kunnen allemaal DKA uitlokken. Ook een plotselinge verandering van dieet of overmatige lichamelijke inspanning kan de suikerregulatie ontregelen.

Diagnose

De diagnose van DKA wordt gesteld op basis van drie bevindingen: hyperglycemie (hoge bloedsuiker), ketonemie of ketonurie (ketonen in bloed of urine) en metabole acidose (verzuurd bloed). Bloedgasanalyse toont een verlaagde pH en verlaagd bicarbonaat. De bloedsuiker is doorgaans sterk verhoogd, maar kan bij zeldzame gevallen relatief laag zijn (euglycemische DKA).

Aanvullend onderzoek is gericht op het opsporen van uitlokkende factoren. Bloedonderzoek (volledig bloedbeeld, lever- en nierwaarden, pancreasenzymen), urinekweek en buikechografie worden standaard uitgevoerd. Elektrolytbepalingen (kalium, natrium, fosfaat, magnesium) zijn essentieel voor een veilige behandeling, aangezien ernstige verstoringen levensbedreigend kunnen zijn.

Behandeling

De behandeling van DKA vindt altijd plaats in een dierenkliniek met intensive care mogelijkheden. De eerste prioriteit is agressieve intraveneuze vloeistoftherapie om de uitdroging te corrigeren en de circulatie te herstellen. Isotone kristalloïden worden in hoge volumes toegediend, aangepast aan de mate van dehydratie en het lichaamsgewicht.

Insuline wordt als continu intraveneus infuus toegediend in lage doseringen (regular insuline, 0,05 tot 0,1 eenheid per kilogram per uur). De bloedsuiker wordt elk uur gemeten om de snelheid van daling te monitoren. Zodra de bloedsuiker onder de 14 mmol/l komt, wordt glucose aan het infuus toegevoegd om hypoglycemie te voorkomen terwijl de insuline wordt voortgezet om de ketonproductie te stoppen. Elektrolytsuppletie, met name kalium en fosfaat, wordt vanaf het begin van de behandeling gestart.

De onderliggende oorzaak wordt gelijktijdig behandeld: antibiotica bij infecties, antibraakmiddelen, pijnstilling en eventueel castratie bij loopsheidsdiabetes. De meeste honden herstellen binnen 24 tot 72 uur voldoende om weer zelfstandig te eten en te drinken. Daarna wordt overgeschakeld op subcutane insuline-injecties en een diabetisch dieet voor de langere termijn.

Prognose en preventie

De prognose van DKA is bij tijdige en adequate behandeling redelijk tot goed, met overlevingspercentages van 65 tot 80 procent. De prognose is slechter bij ernstige bijkomende ziekten, ernstige acidose (pH onder 7,0), coma bij binnenkomst of meervoudig orgaanfalen. Honden die de acute fase overleven en goed worden ingesteld op insuline, kunnen daarna een goede kwaliteit van leven hebben.

Preventie van DKA is gericht op goede diabetescontrole. Dien de insuline altijd op vaste tijden toe, bewaar insuline correct (in de koelkast, niet schudden), controleer de vervaldatum en wissel regelmatig van injectieplaats. Laat je diabeteshond regelmatig controleren bij de dierenarts. Neem bij ziekte, verminderde eetlust of braken direct contact op met je dierenarts; stop nooit zelf de insuline zonder overleg.

Diabetische ketoacidose is een race tegen de klok, maar met snelle actie en intensieve zorg maken de meeste honden een opmerkelijk herstel.

Dit artikel is puur informatief en vervangt geen professioneel veterinair advies. Raadpleeg altijd een dierenarts bij gezondheidsklachten van je hond.

Meer over diabetes?

Lees verder over suikerziekte en verwante complicaties bij honden.

Lees over diabetes mellitus Alle ziektes