Longworm bij honden
Parasieten in de luchtwegen van je hond
Longworm is een parasitaire infectie waarbij wormen zich nestelen in de luchtwegen en longen van honden. De meest bekende soort in Europa is Angiostrongylus vasorum, ook wel de Franse hartworm genoemd. Deze parasiet kan ernstige gezondheidsproblemen veroorzaken en zonder behandeling zelfs fataal zijn.
Het bewustzijn over longworm bij honden is de afgelopen jaren sterk gegroeid. In dit artikel lees je hoe je een besmetting herkent, hoe je hond besmet raakt en welke behandeling en preventie mogelijk zijn.
Wat is longworm?
Longworm is een verzamelnaam voor parasitaire wormen die de luchtwegen en longen van honden infecteren. De belangrijkste soort in Nederland en België is Angiostrongylus vasorum, die leeft in de longslagader en het rechter hart. Een andere soort, Crenosoma vulpis, nestelt zich in de luchtpijp en bronchiën.
Honden raken besmet door het opeten van besmette tussengastheren, zoals slakken en naaktslakken. Ook het drinken van water of eten van gras waarin slijmsporen van besmette slakken zitten, kan tot infectie leiden. Vossen fungeren als een belangrijk reservoir voor Angiostrongylus vasorum in de natuur.
Na inname migreren de larven vanuit de darm via de bloedbaan naar de longen en het hart, waar ze uitgroeien tot volwassen wormen. Het hele proces duurt enkele weken. De volwassen wormen produceren eitjes die in de longen terechtkomen en daar een ontstekingsreactie veroorzaken.
Symptomen van longworm
De symptomen variëren van mild tot levensbedreigend en hangen af van de ernst van de besmetting en de betrokken organen.
- Hoesten: een aanhoudende hoest, vaak de eerste en meest opvallende klacht.
- Benauwdheid: moeite met ademen door ontstekingsreacties en schade in de longen.
- Verminderde conditie: de hond wordt snel moe en kan minder goed tegen inspanning.
- Bloedingsneiging: onverklaarbare bloedingen, bijvoorbeeld uit de neus, in de huid of langdurig nabloeden na een wond.
- Bloedarmoede: bleke slijmvliezen door chronisch bloedverlies of afbraak van rode bloedcellen.
- Neurologische klachten: in ernstige gevallen kunnen toevallen, verlamming of gedragsveranderingen optreden door bloedingen in het zenuwstelsel.
- Braken en diarree: maag-darmklachten komen voor, soms met bloed in de ontlasting.
- Gewichtsverlies: geleidelijk verlies van lichaamsgewicht door de chronische infectie.
De bloedingsproblemen bij Angiostrongylus vasorum maken deze parasiet bijzonder gevaarlijk. Onbehandeld kan de infectie fataal verlopen.
Oorzaken en risicofactoren
De besmetting vindt plaats door contact met besmette slakken of naaktslakken. Honden die graag in de tuin snuffelen, uit plassen drinken of gras eten, lopen een verhoogd risico. Jonge honden zijn bijzonder kwetsbaar omdat ze speelser zijn en vaker onbekende dingen in hun bek nemen.
Rassen die veel buitenactiviteiten ondernemen, zoals de Springer Spaniel, Staffordshire Bull Terriër en Cavalier King Charles Spaniel, worden in Britse studies vaker positief getest. In Nederland neemt de verspreiding van Angiostrongylus vasorum toe, mede door de groeiende vossenpopulatie in stedelijke gebieden.
Het risico is het grootst in natte perioden wanneer slakken actief zijn, met name in het voor- en najaar. Gebieden met veel vossen en een vochtig klimaat kennen een hogere prevalentie van de parasiet.
Diagnose
De diagnose kan worden gesteld via een Baermann-fecaaltest, waarbij longwormlarven uit de ontlasting worden geïsoleerd. Er bestaan ook sneltests (antigeentests) die Angiostrongylus vasorum in het bloed kunnen aantonen. Deze bloedtests zijn snel en betrouwbaar en worden steeds vaker standaard ingezet door dierenartsen.
Röntgenfoto’s van de borstkas kunnen kenmerkende afwijkingen in de longen laten zien, zoals een diffuus patroon of vergroting van de longslagader. Bloedonderzoek toont vaak stollingsstoornissen, bloedarmoede en een verhoogd aantal eosinofielen (een type witte bloedcel dat reageert op parasieten). In twijfelgevallen kan een bronchoalveolaire lavage worden uitgevoerd om larven aan te tonen.
Behandeling
Longworm is goed te behandelen met specifieke antiparasitaire middelen. Moxidectine (als spot-on) en fenbendazol (als pasta of tablet) zijn de meest gebruikte werkzame stoffen. De behandelduur met fenbendazol bedraagt doorgaans meerdere weken, terwijl moxidectine maandelijks kan worden toegediend als spot-on.
Bij ernstige besmettingen is ondersteunende behandeling noodzakelijk. Wanneer stollingsproblemen aanwezig zijn, kan een bloedtransfusie of plasma-infusie nodig zijn. Ontstekingsremmende medicijnen worden soms voorgeschreven om de ontstekingsreactie in de longen te dempen die kan optreden wanneer de wormen afsterven.
Na de behandeling worden controle-onderzoeken uitgevoerd om te bevestigen dat de infectie volledig is geklaard. De meeste honden herstellen goed na behandeling, mits de diagnose tijdig is gesteld. Bij honden met ernstige neurologische of cardiale complicaties kan het herstel langer duren.
Prognose en preventie
Bij tijdige diagnose en behandeling is de prognose over het algemeen goed. Honden met een lichte tot matige besmetting herstellen doorgaans volledig. Bij ernstige besmettingen met stollingsproblemen, longschade of neurologische symptomen is de prognose gereserveerder, maar ook deze honden kunnen met intensieve behandeling herstellen.
Preventie is eenvoudig en effectief. Maandelijkse toediening van een spot-on met moxidectine beschermt je hond tegen longworm. Ontmoedig je hond om slakken of naaktslakken op te eten en verwijder waterbakjes buiten ’s nachts wanneer slakken actief zijn. Bespreek met je dierenarts welk preventieprotocol het beste past bij de leefstijl en het risicoprofiel van je hond.
Longworm is een groeiend probleem in Nederland. Maandelijkse preventie met het juiste middel beschermt je hond effectief tegen deze gevaarlijke parasiet.
Dit artikel is puur informatief en vervangt geen professioneel veterinair advies. Raadpleeg altijd een dierenarts bij gezondheidsklachten van je hond.
Meer over parasieten bij honden?
Lees alles over wormen en parasieten