Kruisbandletsel bij honden
De meest voorkomende knieblessure bij honden
Kruisbandletsel is een scheur of ruptuur van de voorste kruisband in het kniegewricht. Het is een van de meest voorkomende orthopedische problemen bij honden en veroorzaakt kreupelheid, pijn en op termijn artrose.
Dit artikel behandelt de oorzaken, symptomen, chirurgische opties en het revalidatietraject bij kruisbandletsel.
Wat is kruisbandletsel?
Kruisbandletsel bij honden betreft bijna altijd de voorste kruisband (craniale kruisband), die het scheenbeen op zijn plek houdt ten opzichte van het dijbeen. Wanneer deze band scheurt, verschuift het scheenbeen naar voren bij elke stap, wat pijn, ontsteking en kraakbeenschade veroorzaakt.
In tegenstelling tot bij mensen, waar kruisbandletsel meestal traumatisch is, berust het bij honden meestal op chronische degeneratie van de band. De band verzwakt geleidelijk door slijtage totdat hij scheurt, soms bij een ogenschijnlijk normale activiteit. Ongeveer 40 tot 60 procent van de honden scheurt uiteindelijk ook de kruisband in het andere kniegewricht.
Symptomen van kruisbandletsel
De symptomen kunnen plotseling optreden of zich geleidelijk ontwikkelen, afhankelijk van of de band volledig of gedeeltelijk scheurt:
- Plotselinge kreupelheid: de hond begint acuut te hinken op een achterpoot, vaak tijdens of na inspanning
- Verminderde belasting: de hond ontlast het aangedane been door het gewicht te verplaatsen
- Stijfheid na rust: de hond komt moeilijk overeind na een periode van liggen
- Zithouding: de hond strekt het aangedane been opzij tijdens het zitten in plaats van het op te vouwen
- Zwelling van de knie: het gewricht is gezwollen, warm en pijnlijk bij aanraking
- Spierverlies: de spieren van het aangedane been worden dunner door verminderd gebruik
- Krakend geluid: een hoorbare of voelbare crepitatie bij het bewegen van de knie
- Verminderde activiteit: de hond weigert te springen, rennen of traplopen
Bij een gedeeltelijke scheur kan de kreupelheid wisselend zijn en na rust verbeteren, om bij inspanning weer terug te keren. Dit wil niet zeggen dat het vanzelf geneest; de band zal uiteindelijk volledig scheuren.
Oorzaken en risicofactoren
De belangrijkste oorzaak is chronische degeneratie van de kruisband, waarbij de bandvezels geleidelijk verzwakken door slijtage, ontsteking en slechte doorbloeding. Overgewicht versnelt dit proces aanzienlijk doordat de knie bij elke stap meer belasting draagt.
Grotere rassen zijn sterker gepredisponeerd. De Labrador Retriever, Golden Retriever, Rottweiler, Newfoundlander en Staffordshire Bullterriër worden het vaakst getroffen. De hoek van het tibiaplateau (de bovenkant van het scheenbeen) speelt een rol: hoe steiler dit plateau, hoe meer kracht op de kruisband komt te staan.
Sterilisatie vóór de geslachtsrijpheid lijkt het risico op kruisbandletsel te vergroten bij bepaalde rassen, vermoedelijk door veranderde groeipatronen.
Diagnose
De dierenarts test de kniestabiliteit met de laden-test (craniale schuifladetest), waarbij het scheenbeen ten opzichte van het dijbeen wordt verschoven. Bij een gescheurde kruisband is er abnormale voorwaartse verschuiving. De tibiacompressietest is een aanvullende handeling. Beide tests worden vaak onder sedatie uitgevoerd.
Röntgenfoto’s tonen zwelling in het gewricht, tekenen van artrose en de hoek van het tibiaplateau, wat relevant is voor de keuze van de operatietechniek. Bij twijfel over meniscusschade kan een MRI worden gemaakt. Het andere kniegewricht wordt altijd mede beoordeeld vanwege het hoge risico op bilateraal letsel.
Behandeling
Bij middelgrote tot grote honden is chirurgie de geadviseerde behandeling. De twee meest toegepaste technieken zijn TPLO (Tibial Plateau Leveling Osteotomy) en TTA (Tibial Tuberosity Advancement). Beide veranderen de biomechanica van de knie zodat de kruisband niet meer nodig is voor stabiliteit. Bij kleine honden (onder 15 kg) kan een laterale hechttechniek effectief zijn.
Conservatieve behandeling (rustm pijnstilling, fysiotherapie) wordt soms gekozen bij kleine honden of wanneer chirurgie niet mogelijk is, maar leidt bij grotere honden vrijwel altijd tot voortschrijdende artrose en chronische kreupelheid.
Revalidatie na de operatie is essentieel. Het programma omvat zes tot acht weken beperkte beweging, gevolgd door geleidelijke opbouw met fysiotherapie, hydrotherapie en spierversterking. Gewichtsbeheersing is een integraal onderdeel van het herstelplan.
Prognose en preventie
Na TPLO of TTA is de prognose goed tot uitstekend: 85 tot 95 procent van de honden herwinnt een normaal activiteitenniveau. Enige artrose ontwikkelt zich vrijwel altijd, maar is met gewichtsbeheersing en eventueel pijnstilling goed beheersbaar.
Preventie richt zich op gewichtsbeheersing (de belangrijkste beïnvloedbare factor), regelmatige maar gematigde beweging en het vermijden van plotselinge, explosieve activiteiten bij vatbare rassen. Laat de knieën van je hond beoordelen als je een rasgebonden risico vermoedt.
Overgewicht is de belangrijkste beïnvloedbare risicofactor voor kruisbandletsel. Elk kilogram minder op de weegschaal is een investering in de kniegewrichten van je hond.
Dit artikel is puur informatief en vervangt geen professioneel veterinair advies. Raadpleeg altijd een dierenarts bij gezondheidsklachten van je hond.
Meer weten?
Lees ook over patellaluxatie