Glomerulonefritis bij honden

Ontsteking van de nierfilters met soms ingrijpende gevolgen

Glomerulonefritis is een ontsteking van de glomeruli, de kleine filterstructuren in de nieren van je hond. Wanneer deze filters beschadigd raken, lekken eiwitten uit het bloed naar de urine, wat op termijn kan leiden tot nierinsufficiëntie.

In dit artikel lees je hoe glomerulonefritis ontstaat, welke symptomen je kunt herkennen en welke behandelopties beschikbaar zijn om de nieren van je hond te beschermen.

· · ·

Wat is glomerulonefritis?

De nieren van je hond bevatten duizenden glomeruli: piepkleine vaatkluwens die het bloed filteren en afvalstoffen verwijderen. Bij glomerulonefritis raken deze filterstructuren ontstoken, meestal doordat het immuunsysteem afweercomplexen (combinaties van antistoffen en antigenen) afzet in de glomerulaire wand. Deze immuuncomplexen lokken een ontstekingsreactie uit die de delicate filtermembranen beschadigt.

Door de beschadiging verliezen de glomeruli hun selectieve filterfunctie. Eiwitten die normaal in het bloed blijven, lekken nu door naar de urine. Dit eiwitverlies, met name van albumine, leidt tot een cascade van problemen: verlaagde bloedeiwitten, vochtophoping (oedeem) en een verhoogd risico op bloedstolsels. Op de lange termijn kan de voortdurende ontsteking leiden tot littekenvorming en uiteindelijk chronische nierziekte.

Symptomen van glomerulonefritis

In het beginstadium verloopt glomerulonefritis vaak onopgemerkt, omdat de nieren een enorme reservecapaciteit hebben. Pas wanneer een aanzienlijk deel van de glomeruli is aangetast, worden de klachten zichtbaar. De symptomen ontwikkelen zich doorgaans geleidelijk over weken tot maanden.

  • Gewichtsverlies: ondanks een normale of licht verminderde eetlust verliest je hond geleidelijk gewicht door het verlies van eiwitten via de urine
  • Vochtophoping (oedeem): zwelling van de poten, buik of onderhuid door het lage eiwitgehalte in het bloed
  • Verhoogde dorst en meer plassen: de nieren kunnen het vocht minder goed concentreren, waardoor je hond meer drinkt en vaker moet plassen
  • Verminderde eetlust: naarmate de nierfunctie achteruitgaat, voelt je hond zich algeheel minder lekker
  • Lethargie: minder energie, minder zin in wandelingen en meer slaapbehoefte
  • Braken: door de ophoping van afvalstoffen in het bloed kan misselijkheid ontstaan
  • Kortademigheid: in ernstige gevallen kan vochtophoping rond de longen ademhalingsproblemen veroorzaken
  • Plotselinge verlamming: bloedstolsels (trombo-embolieën) kunnen een bloedvat afsluiten, wat zich uit als plotselinge pijn of uitval van een poot

Omdat de eerste symptomen zo subtiel zijn, wordt glomerulonefritis vaak pas ontdekt bij routinematig bloedonderzoek of urineonderzoek. Neem contact op met je dierenarts als je hond onverklaarbaar gewicht verliest of gezwollen ledematen ontwikkelt.

Oorzaken en risicofactoren

Glomerulonefritis wordt meestal veroorzaakt door de afzetting van immuuncomplexen in de glomeruli. Deze complexen ontstaan als reactie op chronische infecties (zoals ehrlichiose, borreliose of hartwormziekte), auto-immuunziekten (zoals systemische lupus), chronische ontstekingen of bepaalde vormen van kanker. In al deze situaties produceert het lichaam langdurig antistoffen die samen met het antigeen neerslagen vormen in de nierfilterwand.

In veel gevallen (naar schatting 25 tot 50 procent) wordt ondanks uitgebreid onderzoek geen onderliggende oorzaak gevonden. Men spreekt dan van idiopathische glomerulonefritis. Daarnaast bestaan er erfelijke vormen van glomerulopathie die op jonge leeftijd tot uiting komen en een sneller progressief verloop hebben.

Glomerulonefritis kan bij alle rassen voorkomen. Rassen zoals de Berner Sennenhond, de Rottweiler en de Labrador Retriever worden in de veterinaire literatuur regelmatig in verband gebracht met glomerulaire nierziekte, mogelijk door een genetische aanleg voor immuungemedieerde aandoeningen.

Vroegtijdig urineonderzoek kan eiwitverlies opsporen voordat de nieren ernstig beschadigd zijn. Regelmatige controles bij de dierenarts zijn daarom van groot belang.

Diagnose

De diagnose begint met urineonderzoek, waarbij een verhoogde eiwit/creatinine-ratio (UPC) het eerste alarmsignaal is. Een UPC boven 2,0 in combinatie met een inactief urinesediment is sterk verdacht voor glomerulaire ziekte. Bloedonderzoek toont vaak een verlaagd albumine, verhoogd cholesterol en in latere stadia verhoogde nierwaarden (ureum en creatinine).

Om de diagnose te bevestigen en de ernst te bepalen, kan de dierenarts een nierbiopsie voorstellen. Dit is de gouden standaard en maakt het mogelijk om het type glomerulonefritis vast te stellen en de prognose beter in te schatten. Aanvullend onderzoek richt zich op het opsporen van de onderliggende oorzaak: serologische tests voor infectieziekten, antinucleaire antilichamen (ANA) voor auto-immuunziekten en beeldvorming om tumoren uit te sluiten.

Behandeling

De behandeling van glomerulonefritis is veelzijdig en richt zich op meerdere fronten tegelijk. Allereerst wordt de onderliggende oorzaak behandeld, indien geïdentificeerd. Bij infecties worden gerichte antimicrobiële middelen ingezet; bij auto-immuunziekten immuunonderdrukkende medicatie.

Daarnaast worden specifieke maatregelen genomen om de nieren te beschermen. ACE-remmers (zoals benazepril of enalapril) verlagen de druk in de glomeruli en verminderen het eiwitverlies. Een eiwitbeperkt dieet met hoogwaardige eiwitten vermindert de belasting van de nieren. Aspirine in lage dosering of clopidogrel kan worden voorgeschreven om het risico op trombo-embolieën te verlagen. Bij ernstige vochtophoping worden diuretica toegevoegd. Regelmatige controle van bloedwaarden en urine is essentieel om de behandeling bij te sturen.

Prognose en preventie

De prognose hangt sterk af van de onderliggende oorzaak, de ernst van het eiwitverlies en hoe snel de behandeling is gestart. Honden waarbij de oorzaak succesvol wordt behandeld, kunnen stabiliseren of zelfs verbeteren. Bij idiopathische of erfelijke vormen is het verloop helaas vaak progressief, hoewel de juiste behandeling de achteruitgang aanzienlijk kan vertragen. Honden met ernstig nefrotisch syndroom of trombo-embolische complicaties hebben een minder gunstige prognose.

Preventie richt zich op het voorkomen en tijdig behandelen van de onderliggende oorzaken. Bescherm je hond tegen tekenziekten met effectieve tekenpreventie, houd vaccinaties up to date en laat chronische infecties tijdig behandelen. Regelmatig urineonderzoek, vooral bij rassen met een verhoogd risico, helpt om eiwitverlies vroegtijdig op te sporen en de nieren zo lang mogelijk gezond te houden.

Dit artikel is puur informatief en vervangt geen professioneel veterinair advies. Raadpleeg altijd een dierenarts bij gezondheidsklachten van je hond.

Meer over nieraandoeningen

Lees ook over verwante aandoeningen.

Ascites Alle ziektes