Borstklierontsteking (mastitis) bij honden

Een pijnlijke aandoening die snelle behandeling vereist

Mastitis, oftewel borstklierontsteking, treft voornamelijk zogende teven maar kan ook voorkomen bij schijndrachtige honden. De melkklieren raken geïnfecteerd, gezwollen en pijnlijk.

Lees hier hoe je mastitis bij je hond herkent, wat de oorzaken zijn en hoe de dierenarts deze aandoening behandelt.

· · ·

Wat is borstklierontsteking?

Mastitis is een ontsteking van één of meer melkklieren (mammae) bij de hond. De aandoening wordt meestal veroorzaakt door bacteriën die via de tepel de melkklier binnendringen. Bij zogende teven is dit een veelvoorkomend probleem, vooral in de eerste weken na de bevalling wanneer de melkproductie op volle toeren draait.

De ontsteking kan variëren van een milde, lokale infectie tot een ernstige, systemische ziekte. Bij een milde vorm is één klier gezwollen en pijnlijk. Bij een ernstige vorm kunnen meerdere klieren zijn aangedaan, met abcesvorming, weefselafsterving (necrose) en algemene ziekteverschijnselen.

Ook teven die niet recent geworpen hebben, kunnen mastitis ontwikkelen. Bij schijndracht produceert het lichaam melk zonder dat er pups zijn, wat de kans op stuwing en infectie vergroot. Tijdige herkenning en behandeling zijn essentieel om complicaties te voorkomen.

Symptomen van borstklierontsteking

De klachten zijn meestal goed waarneembaar bij inspectie van de buik. Let op de volgende verschijnselen:

  • Gezwollen melkklieren: één of meer tepels zijn duidelijk vergroot, hard en warm.
  • Roodheid en pijn: de huid over de aangedane klier is rood en de hond reageert pijnlijk bij aanraking.
  • Afwijkende melk: de melk is verkleurd (geel, groen of bloederig), dik of stinkend in plaats van wit en dun.
  • Koorts: verhoogde lichaamstemperatuur, vaak boven de 39,5 graden Celsius.
  • Verminderde eetlust: de teef eet minder of weigert voedsel.
  • Verwaarlozing van de pups: de teef laat de pups niet meer drinken vanwege de pijn, of trekt zich terug.
  • Lethargie: de hond is sloom, moe en minder actief dan normaal.
  • Abcesvorming: in ernstige gevallen ontstaat er een met pus gevulde holte in of onder de klier, die kan doorbreken.

Als de pups plotseling minder groeien, huilen of diarree krijgen, kan dit eveneens een teken zijn dat de moeder mastitis heeft en de melkkwaliteit is aangetast.

Oorzaken en risicofactoren

De bacterie Escherichia coli is de meest voorkomende veroorzaker, gevolgd door stafylokokken en streptokokken. De bacteriën dringen binnen via kleine wondjes op de tepel, veroorzaakt door de nageltjes of tandjes van de zuigende pups. Onhygiënische omstandigheden in het werpnest vergroten het infectierisico aanzienlijk.

Melkstuwing is een belangrijke risicofactor. Als de pups onvoldoende drinken (bijvoorbeeld bij een kleine toom of bij flesvoeding), hoopt de melk zich op in de klier en vormt een ideale voedingsbodem voor bacteriën. Schijndracht vergroot het risico om dezelfde reden.

Er is geen sterke rasgebondenheid, maar grotere rassen met meer tepels en grotere nesten, zoals de Labrador Retriever en Golden Retriever, worden iets vaker getroffen. Een verzwakt immuunsysteem, slechte voeding en stress rond de bevalling zijn eveneens risicofactoren.

Diagnose

De dierenarts stelt de diagnose op basis van lichamelijk onderzoek. De aangedane melkklieren worden gepalpeerd en de melk wordt beoordeeld op kleur, consistentie en geur. Een melkmonster wordt ingestuurd voor bacteriële kweek en gevoeligheidsbepaling, zodat het juiste antibioticum kan worden gekozen.

Bloedonderzoek toont ontstekingswaarden en geeft inzicht in de algehele gezondheid van de teef. Bij vermoeden van een abces of necrose kan een echografie van de melkklier worden gemaakt. Bij ernstige mastitis is het belangrijk om de melkkwaliteit te beoordelen om te bepalen of de pups veilig kunnen blijven drinken.

Behandeling

Antibiotica vormen de basis van de behandeling. De keuze van het antibioticum hangt af van de kweekuitslag, maar in afwachting daarvan wordt vaak gestart met een breed-spectrum antibioticum. De kuur duurt doorgaans twee tot drie weken. Pijnbestrijding met ontstekingsremmers maakt de teef weer comfortabeler en bevordert het herstel.

Bij milde mastitis is het aan te raden de pups te laten blijven drinken aan de aangedane klier, mits de melk niet zichtbaar afwijkend is. Het zuigen bevordert de afvoer van melk en bacteriën. Warme kompressen op de aangedane klier kunnen de melkafvoer eveneens stimuleren. Houd het werpnest schoon en droog.

Bij ernstige mastitis met abcesvorming of necrose is chirurgisch ingrijpen noodzakelijk. Het abces wordt gedraineerd en afgestorven weefsel wordt verwijderd. In uitzonderlijke gevallen is een mastectomie (verwijdering van de aangedane klier) nodig. De pups moeten dan op flesvoeding worden overgezet. Intensieve ondersteunende zorg met infuustherapie is bij systemisch zieke teven essentieel.

Prognose en preventie

Bij tijdige behandeling is de prognose uitstekend. De meeste teven herstellen volledig en kunnen de pups weer normaal zogen. Bij ernstige, verwaarloosde mastitis kan de klier blijvend beschadigd raken of kan de infectie zich via de bloedbaan verspreiden (sepsis), wat levensbedreigend is.

Preventie begint bij een hygiënisch werpnest: verschoon de onderlaag regelmatig en knip de nageltjes van de pups kort om tepelbeschadiging te voorkomen. Controleer de melkklieren van de zogende teef dagelijks op zwelling, roodheid of warmte. Bij schijndrachtige honden kan tijdige medicatie of sterilisatie toekomstige episodes voorkomen.

Dagelijkse controle van de melkklieren bij een zogende teef is de eenvoudigste manier om mastitis vroeg te ontdekken en ernstige complicaties te voorkomen.

Dit artikel is puur informatief en vervangt geen professioneel veterinair advies. Raadpleeg altijd een dierenarts bij gezondheidsklachten van je hond.

Meer over de gezondheid van teven?

Lees ook over andere aandoeningen die zogende en drachtige honden treffen.

Brucellose bij honden Alle ziektes