Anaalklierkanker bij honden
Kwaadaardige tumoren van de anaalzakjes
Anaalklierkanker (anaalzakadenocarcinoom) is een agressieve tumor die ontstaat in de apocrine klieren van de anaalzakjes. Hoewel deze vorm van kanker relatief zeldzaam is, is het een ernstige aandoening die vaak al in een vroeg stadium uitzaait naar de lymfeklieren en andere organen.
In dit artikel lees je hoe anaalklierkanker ontstaat, welke symptomen je kunt herkennen en welke behandelopties er zijn.
Wat is anaalklierkanker?
De anaalzakjes zijn twee kleine kliertjes die aan weerszijden van de anus liggen, net onder het huidoppervlak. Ze produceren een sterk ruikende vloeistof die bij het poepen of bij opwinding wordt uitgescheiden. Anaalklierkanker (officieel: apocriene klieradenoom of adenocarcinoom van de anaalzak) is een kwaadaardige tumor die in deze klieren ontstaat.
Het adenocarcinoom van de anaalzak is de meest voorkomende kwaadaardige tumor van de anaalzakjes bij honden. De tumor groeit lokaal in het weefsel rond de anus en zaait vaak vroeg uit naar de regionale lymfeklieren (sublumbale lymfeklieren in de buikholte) en later naar de longen en lever. Een bijzonder kenmerk van deze tumor is dat hij in circa 25 tot 50 procent van de gevallen een paraneoplastisch syndroom veroorzaakt: hypercalciëmie (verhoogd calciumgehalte in het bloed), wat op zichzelf ernstige klachten kan geven.
Anaalklierkanker komt vaker voor bij oudere honden, doorgaans boven de zeven jaar, en lijkt iets vaker bij teven voor te komen dan bij reuen.
Symptomen van anaalklierkanker
De symptomen kunnen subtiel beginnen en worden soms verward met onschuldige anaalklierklachten. Let op de volgende verschijnselen.
- Zwelling naast de anus: een voelbare knobbel aan een of beide zijden van de anus
- Slee-rijden: je hond schuift met de achterste over de grond door irritatie van het anale gebied
- Moeite met poepen: de tumor kan de doorgang vernauwen, waardoor het ontlasten pijnlijk of moeilijk wordt
- Overmatig drinken en plassen: dit kan wijzen op hypercalciëmie, het paraneoplastisch syndroom
- Verminderde eetlust: zowel door de tumor zelf als door het verhoogde calcium
- Lethargie en zwakte: algemeen onwelbevinden, minder energie dan normaal
- Braken en obstipatie: hypercalciëmie kan maag-darmklachten veroorzaken
- Gewichtsverlies: onverklaard gewichtsverlies naarmate de ziekte vordert
Anaalklierkanker wordt soms bij toeval ontdekt tijdens een routine rectaal onderzoek of bij het legen van de anaalklieren door de dierenarts. Laat verdachte knobbels altijd onderzoeken.
Oorzaken en risicofactoren
De exacte oorzaak van anaalklierkanker is niet bekend. Er lijkt geen verband te zijn met chronische anaalklierontsteking of verstopte anaalklieren. Hormonale factoren spelen mogelijk een rol, hoewel de tumor zowel bij gecastreerde als bij intacte honden voorkomt.
Leeftijd is de belangrijkste risicofactor: de meeste gevallen worden gediagnosticeerd bij honden ouder dan zeven jaar. Er zijn aanwijzingen dat bepaalde rassen een genetische predispositie hebben.
Deze aandoening kan bij alle rassen voorkomen. Rassen zoals de Engelse Cocker Spaniel, de Labrador Retriever en de Duitse Herder worden in de veterinaire literatuur regelmatig in verband gebracht met anaalklierkanker.
Diagnose
De dierenarts kan de tumor vaak voelen tijdens een rectaal onderzoek. Een aspiraat (celpunctie) met cytologisch onderzoek kan de eerste aanwijzingen voor maligniteit geven. Een biopt met histologisch onderzoek bevestigt de definitieve diagnose en bepaalt de gradering van de tumor.
Stagering (het vaststellen van de uitbreiding) is essentieel. Dit omvat een echografie van de buik om vergrote sublumbale lymfeklieren op te sporen, thoraxfoto’s om longmetastasen uit te sluiten en bloedonderzoek inclusief calciumbepaling. Een CT-scan geeft het meest complete beeld van de lokale uitbreiding en lymfekliermetastasen.
Behandeling
Chirurgische verwijdering van de tumor is de hoeksteen van de behandeling. De dierenarts verwijdert het aangedane anaalzakje met ruime marges. Als de sublumbale lymfeklieren vergroot zijn, worden deze indien mogelijk eveneens operatief verwijderd. Aanvullende chemotherapie (meestal met carboplatine of mitoxantron) wordt vaak geadviseerd, zeker wanneer er lymfekliermetastasen zijn of wanneer volledige chirurgische verwijdering niet mogelijk was.
Bij hypercalciëmie is agressieve intraveneuze vloeistoftherapie met zoutoplossing de eerste stap om het calciumgehalte te verlagen. Bisfosfanaten en corticosteroïden kunnen aanvullend worden ingezet. Bestraling kan worden overwogen bij onvolledige verwijdering of als alternatief wanneer chirurgie niet mogelijk is.
Palliatieve zorg richt zich op pijnbestrijding, het beheer van hypercalciëmie en het ondersteunen van de kwaliteit van leven.
Prognose en preventie
De prognose hangt af van het stadium bij diagnose. Honden met kleine tumoren zonder metastasen hebben na chirurgie een mediane overlevingstijd van anderhalf tot twee jaar. Bij lymfekliermetastasen is de prognose minder gunstig, maar zelfs dan kan behandeling de overlevingstijd aanzienlijk verlengen tot twaalf tot achttien maanden. Onbehandelde hypercalciëmie verslechtert de prognose aanzienlijk.
Specifieke preventie is niet mogelijk. Regelmatige controle van het anale gebied door de dierenarts, met name bij oudere honden en risicrassen, kan bijdragen aan vroege opsporing. Laat knobbels bij de anus altijd onderzoeken, ook als je hond geen klachten lijkt te hebben.
Regelmatige controle van het anale gebied kan anaalklierkanker in een vroeg stadium aan het licht brengen. Vroege opsporing vergroot de behandelopties.
Dit artikel is puur informatief en vervangt geen professioneel veterinair advies. Raadpleeg altijd een dierenarts bij gezondheidsklachten van je hond.
Meer over tumoren
Lees ook over verwante oncologische aandoeningen.