Bevriering bij honden

Weefselschade door blootstelling aan extreme kou

Bevriering (frostbite) is weefselschade die ontstaat wanneer de huid en het onderliggende weefsel van je hond bevriezen door blootstelling aan extreme kou. Vooral de oren, staart, neus en poten zijn kwetsbaar, omdat deze lichaamsdelen het verst van het lichaam verwijderd zijn.

Hoewel bevriering bij honden in Nederland niet heel vaak voorkomt, kan het in strenge winters wel degelijk optreden. Het is belangrijk om de tekenen te herkennen en te weten hoe je snel en veilig kunt handelen.

· · ·

Wat is bevriering?

Bevriering ontstaat wanneer lichaamsweefsels worden blootgesteld aan temperaturen onder het vriespunt. Het lichaam reageert op kou door de bloedvaten in de extremiteiten samen te trekken om het warme bloed naar de vitale organen te dirigeren. Hierdoor ontvangen de uiteindes (oren, staart, poten, neus, balzak) minder warme bloedtoevoer en koelen ze sneller af.

Wanneer het weefsel onder nul graden Celsius afkoelt, vormen zich ijskristallen in en tussen de cellen. Deze kristallen beschadigen de celwanden, verstoren de bloedtoevoer en veroorzaken weefselsterfte. De schade kan oppervlakkig zijn (alleen de huid) of diep reiken tot in de spieren, pezen en botten.

Bevriering treedt het snelst op bij natte kou in combinatie met wind. Een natte vacht biedt veel minder isolatie dan een droge vacht, waardoor het afkoelingsproces versnelt. Honden die langdurig buiten verblijven bij vriestemperaturen zonder beschutting lopen het grootste risico.

Symptomen van bevriering

De symptomen van bevriering ontwikkelen zich in fasen en worden pas duidelijk zichtbaar wanneer het weefsel ontdooit:

  • Bleek of grijs weefsel: het getroffen gebied verliest zijn normale kleur door verminderde bloedtoevoer
  • Koud en hard aanvoelen: bevroren weefsel voelt stevig en ijskoud aan bij aanraking
  • Pijn bij aanraking: tijdens het ontdooien ervaart je hond vaak intense pijn
  • Roodheid en zwelling: nadat het weefsel ontdooit, wordt het rood, warm en gezwollen
  • Blaren: bij matige bevriering kunnen vochtgevulde blaren ontstaan
  • Zwarte verkleuring: bij ernstige bevriering sterft het weefsel af en wordt het zwart (necrose)
  • Huidverlies: dood weefsel kan na dagen tot weken loslaten
  • Likken of bijten aan het getroffen gebied: je hond probeert de pijn of het ongemak te verlichten

Het kan drie tot vijf dagen duren voordat de volledige omvang van de schade zichtbaar wordt. In die periode kan weefsel dat aanvankelijk alleen rood en gezwollen was, alsnog afsterven.

Oorzaken en risicofactoren

Bevriering treedt op bij langdurige blootstelling aan temperaturen onder het vriespunt, vooral in combinatie met wind en vocht. Honden die buiten slapen zonder adequate beschutting, honden die vastzitten in de sneeuw of honden die te lang buiten wandelen bij extreme kou lopen het meeste risico.

Kleine rassen, kortharige rassen en rassen zonder dikke ondervacht zijn extra kwetsbaar. De Chihuahua, Whippet, Italiaanse Windhond en Chinese Naakthond hebben nauwelijks bescherming tegen extreme kou. Maar ook langharige rassen kunnen bevriering oplopen aan de oren en pootkussentjes.

Aanvullende risicofactoren zijn: diabetes mellitus (verminderde bloeddoorstroming), hartziekte, gebruik van bètablokkers en eerdere bevriering (beschadigd weefsel is kwetsbaarder voor herbevriezing). Puppy’s en oudere honden reguleren hun lichaamstemperatuur minder efficiënt.

Diagnose

De diagnose wordt gesteld op basis van de voorgeschiedenis (blootstelling aan extreme kou) en het lichamelijk onderzoek. De dierenarts beoordeelt de mate van weefselschade door het getroffen gebied te inspecteren op kleur, gevoeligheid, blaarvorming en tekenen van necrose.

Aanvullend onderzoek kan nodig zijn om de omvang van de schade vast te stellen. Bloedonderzoek controleert op tekenen van infectie en orgaanschade door onderkoeling. In ernstige gevallen kan beeldvormend onderzoek (röntgenfoto’s) worden gebruikt om te beoordelen of diepere structuren zoals botten zijn aangetast.

Behandeling

De eerste stap is het geleidelijk opwarmen van het bevroren weefsel. Dit doe je door warm (niet heet!) water van 37 tot 39 graden Celsius te gebruiken en het getroffen gebied hier voorzichtig in te dompelen gedurende twintig tot dertig minuten. Wrijf nooit over bevroren weefsel en gebruik geen directe warmtebronnen zoals een föhn of warmwaterkruik, want dit kan extra schade veroorzaken.

Pijnstilling is essentieel, want het ontdooiproces is bijzonder pijnlijk. Je dierenarts zal adequate pijnmedicatie voorschrijven. Blaren mogen niet worden doorgeprikt. Antibiotica worden ingezet wanneer er tekenen zijn van infectie. Het getroffen gebied wordt beschermd met een verband om verdere schade en beknelling te voorkomen.

Bij ernstige bevriering met uitgebreide weefselsterfte kan amputatie van het aangetaste lichaamsdeel noodzakelijk zijn, bijvoorbeeld een deel van het oor of de staartpunt. Deze beslissing wordt echter pas genomen nadat de volledige omvang van de schade duidelijk is, wat tot enkele weken kan duren.

Prognose en preventie

Milde bevriering geneest meestal volledig, hoewel het getroffen weefsel permanent gevoeliger blijft voor kou. Bij matige bevriering met blaarvorming is het herstel doorgaans goed, maar er kan littekenweefsel en haarverlies optreden. Ernstige bevriering met necrose leidt tot permanent weefselverlies.

Preventie is de beste aanpak. Beperk de tijd buitenshuis bij vriestemperaturen, vooral voor kwetsbare rassen. Gebruik een hondenjasje en laarzen bij extreme kou. Zorg voor een warme, droge slaapplaats en droog je hond goed af na een wandeling in natte sneeuw. Controleer na winterse wandelingen de oren, pootkussentjes en staart op tekenen van koude schade.

Op een ijskoude dag is een korte wandeling beter dan een lange. Bescherm de kwetsbare uiteindes van je hond tegen de vrieskou.

Dit artikel is puur informatief en vervangt geen professioneel veterinair advies. Raadpleeg altijd een dierenarts bij gezondheidsklachten van je hond.

Hoe bescherm je je hond in de winter?

Lees ook over onderkoeling bij honden.

Hypothermie Alle ziektes